RAVEL XLVI

Stef Koopmanschap
Carnavalsbegrippen
'Tonpraoten', 'Haring happen', 'Aswoensdag', het is een greep uit een groot aantal carnavalsbegrippen. Neem hier eens een kijkje bij het carnavalswoordenboek.

Adjudant

Hulp van Prins Carnaval. Zie ook 'Prins Carnaval'

Alaaf
Dit is een carnavalsgroet. Het naar de linkerslaap brengen van de toppen van de gestrekte rechterhand is een parodie op de militaire groet. De uitroep komt uit het Duitse Rijnland en betekent zoiets al 'hallo'.

Aswoensdag
Aswoensdag is de dag na carnaval (de dag na vastenavond). In de katholieke traditie is Aswoensdag het begin van de 40 dagen durende vastentijd die loopt tot Paaszaterdag. Op Aswoensdag laten katholieke en sommige protestantse gelovigen in de kerk een askruisje op hun voorhoofd tekenen. Deze as is het overblijfsel van verbrande palmtakken die het jaar daarvoor gebruikt zijn voor de viering van Palmpasen op Palmzondag. Het kleine ritueel wordt uitgevoerd ter bezinning en als uiting van boetvaardigheid.

Carnaval
Volgens sommigen komt het het woord carnaval van het Latijnse 'carne vale' (letterlijk: 'vlees, vaarwel'). Volgens anderen komt het van de Latijnse term 'carrus navalis' (letterlijk: 'scheepskar'), waarbij verwezen wordt naar het narrenschip of naar de intocht van de vruchtbaarheidsgoden. Waarschijnlijk komt de term uit het Italiaans of neo-Latijn. 'Carne lavare' of 'carnem levare' betekent het 'wegnemen van vlees'. Dit verwijst naar het niet mogen eten van vlees zolang de vastenperiode nog bezig is.

Carnavalskraker
Een lied dat meestal speciaal voor carnaval geschreven wordt. Het wordt vooral in de maatsoort 6/8 (goed om te hossen) en 3/4 (om mee te deinen) geschreven.

Carnavalsmis
Met deze carnavalsmis wordt het samenhorigheidsgevoel, het serieuze aspect van carnaval, benadrukt. De carnavalsmis is een moment van bezinning tijdens de drukke carnavalsdagen. Carnaval begint met deze katholieke mis. Mensen komen dan verkleed naar de kerk.

Carnavalsvereniging
Een carnavalsvereniging bestaat uit een bestuur en een aantal leden. Zij organiseren veel activiteiten rondom carnaval en nemen vaak ook deel aan carnavalsoptochten. Elke vereniging heeft een eigen Prins Carnaval. Sommige carnavalsverenigingen hebben ook een eigen carnavalsband.

Dweilen
Tijdens carnaval gaan carnavalsorkestjes van café naar café om muziek te maken. Dit wordt dweilen genoemd.

Elf
Elf is het gekkengetal. Op de elfde dag van de elfde maand begint de voorbereiding voor carnaval. Carnavalsverenigingen benoemen een Raad van Elf en kiezen zij een nieuwe Prins Carnaval, vaak om elf over elf.

Halfvasten
Halfvasten is een korte onderbreking in de vastenperiode na carnaval, op de helft van de vastenperiode. Vroeger de donderdag van de derde vastenweek, nu de vierde zondag.

Haring happen
Op Aswoensdag wordt vaak onder het genot van een haring nog even teruggeblikt op het voorbije feest. Dit haring happen stamt uit de tijd dat tijdens de vastenperiode geen vlees maar wel vis mocht worden gegeten.

Hossen
Hossen is schouder aan schouder, met de armen over elkaars schouder, in een rij springend dansen en rondslingeren

Kwallen
Wie carnaval viert gaat carnavallen of 'n bietje kwalle'. Kwallen wil zoveel zeggen als de boel voor de gek houden en vooral zorgen dat het feest niet te serieus wordt.

Optocht
Een aantal praalwagen trekt door het centrum van een stad of dorp. Praalwagens zijn versierde wagen en hebben meestal een duidelijk onderwerp dat aansluit bij het thema van de optocht.

Polonaise
De polonaise is een dans, gebaseerd op de Poolse dans de Polonez. Bij de polonaise danst iedereen in een rij achter elkaar, met tenminste één hand op de schouder van de persoon vóór iemand in die rij. Gedurende de dans kan de wandelrichting worden omgekeerd.

Praalwagen
Een praalwagen is een versierde wagen in een optocht. De praalwagens beelden altijd een thema uit. Ook de mensen die met de praalwagen meelopen. Er worden prijzen uitgereikt aan de mooiste praalwagen in een stoet

Prins carnaval
In de meeste plaatsen wordt voor het carnaval een Prins Carnaval gekozen. Hij krijgt van de burgemeester vlak voordat het carnaval begint, symbolisch de sleutels van de stad waarmee wordt aangegeven dat hij tijdens de feesten de belangrijkste persoon van de stad is.

Raad van Elf
De Raad van Elf is een gezelschap van elf mannen dat tijdens carnaval Prins Carnaval bijstaat. De naam verwijst naar het getal elf, het narrengetal, dat een belangrijke rol speelt in het carnaval. Vanaf 11 november is de Raad in de weer met de voorbereidingen van het feest. Leden van de raad zijn vaak vertegenwoordigd in allerlei commissies zoals de organisatie van de optocht, het carnavalsgala, het jeugdcarnaval of de technische commissie.

In het Zeeuws-Vlaamse Ossenisse bestaat de Raad van Elf traditiegetrouw geheel uit vrouwen. Carnaval wordt daar ook een week later gevierd dan elders.

Sleutel
Zie 'Prins Carnaval'

Steek
Steek is een hoed. De prins draagt een steek op zijn hoofd met fazantenveren.

Tonpraoten
Iemand houdt, vaak verkleed en staand in een soort van ton, een cabaretesk betoog in het dialect. Daarin passeren allerlei actuele, meestal lokale, zaken de revue. Tonpraoten wordt ook wel buutterednen of sauwelen genoemd.

Vastenavond
Carnaval, het feest dat voorafgaat aan de veertigdaagse vasten, wordt ook vastenavond genoemd, hoewel hiermee van oorsprong slechts de laatste dag voor Aswoensdag werd bedoeld. In Bergen op Zoom wordt carnaval steevast 'vastenavond' genoemd. Overigens geldt dit ook voor Limburg.